Alfonsus van Ligouri

Voornaam:
Nieuw op deze site:

           
Maarten Luther    Koning Arthur    Catharina van Siëna    Werenfried   

St.Alfons
Klik hier voor gratis te downladen telpatroon 48 x 32 kruisjes

Betekenis van de naam Alfons

Sommigen zeggen dat de naam Alfons een samenstelling is van de Germaanse woorden 'adal' dat "adel, edel," betekent en 'funs' hetgeen betekent "bereid tot, gretig". Dus samen: "Bereid tot Adeldom".
Maar omdat de naam ook in het Spaans voorkomt lijkt de Westgotische afkomst meer voor de hand liggend. De samenstelling komt dan van 'hadu' wat "strijd" betekent en 'funs' (zie boven). De samenstelling betekent dan: "Bereid tot de Strijd." Alfonsus is waarschijnlijk de verlatinisering van deze Germaanse naam.

Voornamen

Mannennamen afgeleidvan Alfonsus:
Alfons, Alfonsus (Latijn), Alfonso (Italiaans),Alphons, Alphonso (Italiaans), Alphonsus (Latijn), Fonne (Vlaams), Fons.

Vrouwennamen afgeleidvan Alfonsus:
Alfonsina, Alfonsine, Alphonsina, Alphonsine, Fonny, Fonsine (Vlaams), Fonsje, Fonske.

Alfonsus van Ligouri bisschop en kerkleraar

Op 27 september 1696 wordt Alfonso Maria di Liguori te Marianella bij Napels geboren, als oudste zoon van de adellijke marine-officier Giuseppe de Liguori en de adellijke Anna Cavalieri.

Hij krijgt een zeer christelijke opvoeding. Zijn vader wil vooral dat zijn zoon een schitterende carrière zal maken.
Alfonsus krijgt privé-onderwijs: Latijn en Grieks, Frans en Spaans, wijsbegeerte, en als kunst: schilderen en musiceren. Op 11-jarige leeftijd bespeelt hij de klavecimbel reeds op meesterlijke wijze. Bij het beëindigen van zijn studie filosofie legt Alfonsus het toelatingsexamen af voor de universiteit.

Hij gaat Rechten studeren en legt zich daar met ijver op toe.
Op 16 jarige leeftijd is hij doctor in burgerlijk en kerkelijk recht. Hij heeft al dadelijk succes en wordt lid van het stadsbestuur.
Op zijn twintigste is hij in heel Napels bekend als een bekwaam en betrouwbaar advocaat. Eens ontdekt hij, als hij na een proces de rechtszaal verlaat, dat hij het onrecht verdedigd heeft. Zo gebrekkig en onvolmaakt is blijkbaar het menselijke kennen en weten. Van dat moment af gaat hij voor priester studeren.

Alfonsus' vader, bevelhebber van de galeien, wil Alfonsus mee nemen naar een feest ter gelegenheid van de verjaardag van keizerin Isabella. Alfonsus heeft geen zin want: "Het is daar louter pronk en ijdelheid". Vader is kwaad en zegt: "Loop dan waarheen je wil". Alfonsus voelt het aan als een soort verwerping door zijn vader, maar vindt dat hij zijn roeping moet volgen. Hij gaat zich dan nuttig maken bij zijn zieken in het "Hospitaal van de ongeneeslijken".

Aangespoord door een "stem" gaat hij de kerk "Maria van de vrijkoping der gevangenen" binnen en legt op het altaar, vóór het beeld van de Moeder Gods, zijn degen neer, het symbool van de adel.
Hij stapt nu over naar de wereld van God. Dit gebeuren noemt Alfonsus later zijn "eerste bekering". Maar hij blijft nog wel thuis wonen

Hij begint de studie van de theologie en wordt op 21 december 1726 priester gewijd. Hij is dan 30 jaar oud.

Reeds als seminarist trekt Alfonsus naar de armen en noodlijdenden. In Napels leven zo'n 30.000 "lazzaroni", arme stakkers, bedelaars. Alfonsus treedt toe tot verscheidene broederschappen die daar iets voor willen doen. Hij wordt vriend en ook wel zielzorger van die armen. In de gevangeniscel begeleidt hij de ter-dood-veroordeelden op de weg naar het schavot.

Op een keer preekt hij voor een bomvolle kerk en vader de Liguori zit in de kerk. De woorden van Alfonsus raken hem diep. Erg aangedaan zegt hij: "Dank je, mijn zoon. Vandaag heb je mij God leren kennen. Nu geef ik graag daarvoor mijn zegen, dat je een zo heilige roeping gekozen hebt."

Alfonsus verlaat vanaf dat moment het paleis van zijn ouders en neemt zijn intrek in een missiehuis, het 'College der Chinezen'. Met de leden van de 'Apostolische Missies' gaat hij op "zending" en preekt echte volksmissies. Met bel en kruisbeeld trekken zij langs de straat om mensen uit te nodigen: "Deze avond begint in de kerk een volksmissie. God roept iedereen. Wij nodigen jullie uit tot de preek!"
Als volksmissionaris brengt Alfonsus veel bekeringen tot stand. Zelfs na middernacht staan nog veel penitenten in de rij voor de biechtstoel van Alfonsus. Dat doet hem goed want een preek is pas echt geslaagd als mensen ook tot bekering komen en die bekering uitdrukken door hun zonden te komen belijden in het sacrament van de Biecht.

Tijdens zijn verblijf in het 'College der Chinezen' wordt Alfonsus sterk getroffen door Jezus' woorden: "Trek heel de wereld rond en maak aan ieder schepsel het goede nieuws bekend." (Mc. 16,15). Hij wil naar China gaan om daar het evangelie te verkondigen en als martelaar te sterven.

Maar kort daarop wordt Alfonsus ernstig ziek. Hij is volkomen uitgeput. De arts krijgt de kwaal wel onder de knie, maar Alfonsus heeft langdurige rust nodig. Met 5 priesters vertrekt hij naar de bergen in de buurt van Amalfi en Scala in Italië. In het gebergte ontmoeten ze veel mensen: geen gezette burgers maar armoedzaaiers, herders, kleine pachters, bergboeren. Mensen die geen priesters kunnen onderhouden. Daardoor zijn ze vooral ook op godsdienstig gebied verwaarloosd.
In de bergkapel 'Maria ter bergen' (Santa Maria dei Monti) gaat Alfonsus dan preken voor deze eenvoudige mensen.

Op 2 november 1732, na een preek in Napels waar hij veel tegenwerking en spot heeft ondervonden, verlaat verlaat Alfonsus heimelijk de stad en trekt naar de wereld van de armen om hun het evangelie te verkondigen. Alfonsus noemt dit zelf zijn 'tweede bekering'.

Enige dagen later, op 9 november 1732 wordt te Scala de Congregatie der Redemptoristen opgericht. De volgelingen van Alfonsus willen missionaris zijn van de Verlosser ('Redemptor') om aan de armen het Blijde Nieuws te brengen. Ze preken samen een volksmissie. Het heeft succes. Maar terug thuis lopen hun plannen zo uiteen dat Alfonsus stilaan al zijn vrienden verliest. Na een paar maanden blijft alleen broeder Vitus, een gewezen rover, nog bij hem.
De grote stad Napels schaterlacht op enige afstand. Maar niet voor lang. Er komen zich andere priesters en jonge mensen aansluiten die enthousiast reageren op het ideaal van Alfonsus.
Na een aantal mislukte pogingen een klooster te bouwen komt in 1745 te Pagani een nieuwbouw klaar die Alfonsus zelf ontworpen heeft. Het wordt het Generaalshuis tot de dag dat de algemene overste naar Rome trekt en het wordt ook de laatste verblijfplaats van Alfonsus.

Alfonsus wil dat zijn kloosters (hij noemt ze gewoon 'huizen') religieuze uitstraling hebben. De retraitanten die een tijd te gast zijn mogen deelnemen aan het leven en het gebed van de gemeenschap. In de kloosterkerken houden de eerste Redemptoristen een soort permanente missie.
Alfonsus aanvaardt zijn vader niet als kloosterbroeder wanneer deze zich - na een retraite - komt aanbieden. "Nee, vader, dat is zeker niet Gods wil". Die twee leven kennelijk niet op dezelfde golflengte.

In maart 1762 wordt Alfonsus tot bisschop benoemd van het plaatsje "de heilige Agatha van de Gothen" (Agatha de' Goti). Alfonsus vraagt daarvan verschoond te blijven. Maar na aandringen onderwerpt hij zich. Bij zijn intocht blijkt hij geen mijter te hebben en gebruikt dan maar die van zijn voorganger.

Bisschop Alfonsus van Liguori neemt zijn bisschopsambt serieus: elke twee jaar bezoekt hij de parochies en dorpen van zijn bisdom. Maar hij houdt niet van pracht en praal. Er lopen veel verwaarloosde kinderen rond in zijn bisdom: vader en moeder werken of zijn van 's morgens tot 's avond weg. Alfonsus vindt het bisschopshuis toch al te groot vandaar dat hij de hele benedenverdieping openstelt voor de arme kinderen.

1763-1764 brengt hongersnood over het land. Bisschop Alfonsus de Liguori heeft het zien aankomen en heeft grote hoeveelheden graan en andere levensmiddelen aangekocht. De mensen vragen zich af of hij soms aderverkalking heeft. Maar nee zegt hij: "Je moet het aan de armen geven wanneer zij erom vragen, want het is hun eigendom". En als men hem verwijt dat hij zijn borstkruis en bisschopsring verpandt: "Het geld van een bisschop is het erfdeel van de armen. De luxe van een bisschop is roof, gepleegd op de armen".

Tijdens zijn lange leven schrijft Alfonsus meer dan honderd boeken, waarvan zijn Moraaltheologie het bekendste is geworden. Beroemd is ook zijn boek 'De Heerlijkheid van Maria'. Een samenvatting van Maria's rol in de kerk tot dat moment.

In de laatste tien á twintig jaren van zijn leven gaat zijn gezondheid almaar achteruit. Hij heeft overal pijn, groeit krom van de jicht, wordt doof en zo goed als blind, terwijl ook zijn verstand ernstig achteruitgaat. Maar zijn allerergste beproeving is wel dat hij in ongenade valt bij de paus en dat er in zijn religieuze congregatie een scheuring ontstaat. Op momenten van zwaarmoedigheid laat hij zich graag voorlezen uit zijn eigen boek over Maria, en knapt daar prompt van op.

Gezien zijn jaren en gezondheid wil hij graag aftreden als bisschop. Meerdere keren verzoekt hij de paus hem van zijn bisschopsambt te ontheffen. Paus Clemens XIII antwoordt: "Je schaduw is genoeg om het bisdom te leiden". En paus Clemens XIV: "Het is voldoende als je je bisdom vanaf je bed bestuurt". Paus Pius VI komt op 9 mei 1775 met de verlossende boodschap: "Je ontslag is aangenomen".

Er worden Alfonsus nogal wat wonderbare dingen toegeschreven. Op 9 augustus 1779 bijvoorbeeld bedreigt de vuurspuwende berg de hele streek. Men haalt er Alfonsus bij. Hij spreekt een zegenbede... en de Vesuvius wordt rustig.

Op 1 augustus 1787 sterft Alfonsus te Norcera dei Pagani (bij Napels). Hij is meer dan 90 jaar oud.
Reeds in 1839 wordt Alfonsus heilig verklaard.
In 1871 wordt Alfonsus door paus Pius IX tot kerkleraar uitgeroepen.

Het eerste redemptoristenklooster in Nederland (Wittem, Limburg) dateert van 1832.

Patroonheilige

Alfonsus van Ligouri is patroon van de biechtvaders, theologen en in het bijzonder de moraaltheologen.

Gedachtenis Viering (verplicht)

Gedachtenis viering 1 augustus, (en 2 augustus: tot 1969)

Martyrologium Romanum

Quarto Nonas Augústi:
Sancti Alfónsi-Maríæ de Ligório, Fundatóris Congregatiónis a sanctíssimo Redemptóre nuncupátæ, Epíscopi sanctæ Agathæ Gothórum, Confessóris et Ecclésiæ Doctóris, qui requiévit in Dómino prídie hujus diéi.

Romeins Martelaarsboek

2 augustus:
De Heilige Alfonsus Maria van Rigouri, Stichter van de congregatie van de Allerheiligste verlosser, bisschop van Heilige Agatha van de Gothen, belijder en kerkleraar, die op deze dag in de Heer ontsliep.

Afbeelding

alfons
Klik hier voor gratis te downladen telpatroon 32 x 24 kruisjes


Op voorstellingen is Alfonsus dikwijls gekleed als Redemptorist, met zwart habijt en witte kraag (soms met kalotje). Meestal geknield voor een altaar of kruisbeeld.
Maar ook in bisschopskledij (staf, mijter, tabberd).
Vaak heeft hij een monstrans, een rozenkrans, een missiekruis of een schrijfveer en boek.
Ook wordt hij wel afgebeeld als een door de jicht krom gegroeide grijsaard. Soms staat hij één van zijn 100 boeken te schrijven.









Plaquette van Egino Weinert
(doorklikken "Namenspatronale" en letter A)

Literatuur

  • Jo Claes e.a.: Sanctus, meer dan 500 heiligen herkennen, pag. 192;
  • Clemen Jöckle: Heiligen van Alle Tijden, pag. 27.
  • Links

  • Heiligen net
  • Op deze Duitstalige site "Heiligen Lexicon" veel informatie.
  • De Nederlandse Redemptoristen hebben een eigen site.