Menno Simons

Voornaam:
Op deze site 4 heilige Protestanten

           
Anna Maria van Schurman    Maarten Luther    Menno Simons    Johannes Calvijn   

Klik hier voor gratis te downladen telpatroon 32 x 24 kruisjes

Betekenis van de naam Menno Simons

Zowel de Friese voornaam Minne, als Menno komen oorspronkelijk van de naam Meine. Die naam is op zijn beurt afkomstig van Germaanse namen met 'mein' (b.v. Meinhart) dat "hard, sterk, stevig betekent".
De achternaam Simons(z) betekent: "zoon van Simon". Voor de betekenis en afleidingen zie Simon

Voornamen

Mannennamen afgeleid Menno Simonsz :
Andere Friese voornamen die verband houden met "Menno" zijn: Meine, Mendert, Menke, Menko, Menne, Mennert, Menno, Mennolt, Menolt, Menso, Mente, Menzo, Mindelt, Mindert, Minke, Miinko, Minne, Minnert.

Vrouwennamen afgeleid Menno Simonsz:
Friese vrouwennamen met gelijksoortige oorsprong als "Menno": Mensien, Mensina, Mensine, Mensje, Mentha, Mindy, Minke, Minne, Mintha.

Menno Simons

Zoals Maarten Luther een pagina heeft op deze site, verdient ook Menno Simons, de vader van o.a de mennonieten, zeker een plaats. Duidelijk komt hij niet voor op de officiële lijst van Heiligen die de rooms katholieke kerk hanteert, maar dat zegt niets over het belang van deze hervormer die nog altijd inspirator is voor veel christenen.

In januari 1496 wordt hij geboren in het Friese dorp Witmarsum. Bij het doopsel ontvangt hij de naam Minne (later veranderd in Menno), hoewel er geen heilige is met die naam. In zijn tijd wordt een typisch Friese voornaam nog wél in de roomse doopboeken opgenomen.
Zijn vader heet Symen (ofwel Simon) vandaar: Menno Simonszoon.

Het begin van de 16de eeuw zijn roerige tijden hier in de Nederlanden. Er is verloedering alom en velen lezen daarin de aankondiging van het einde der tijden. Met name de teloorgang van de roomse kerk is ergerniswekkend. Zo is er het weinig verheffende gedrag van de priesters, door hen werd gedobbeld,gedronken en gehoereerd.

Menno Simons krijgt zijn priesteropleiding in een naburige kloosterschool. Hij wordt in Utrecht tot priester gewijd.
Hij is 28 jaar als hij in Pingjum, een buurdorp van Witmarsum, tot kapelaan wordt benoemd.

Enkele jaren ervoor is Luther reeds met zijn hervorming van de kerk begonnen. Met name de aflaathandel is hem een gruwel waartegen hij optreedt. Al vroeg heeft Menno sympathie voor de ideeën van Luther.

In 1525 begint Menno te twijfelen aan de rooms-katholieke transsubstantiatieleer. Die leer houdt in dat tijdens de eucharistie brood en wijn werkelijk veranderen in lichaam en bloed van Christus. In die tijd is het voor lagere geestelijken niet gebruikelijk zelf aan Bijbelstudie te doen. Maar Simonsz begint het Nieuwe Testament te lezen en vindt daarin geen steun voor de katholieke leer over brood en wijn. Hij beschouwt de maaltijd van Christus voortaan als een symbolisch gebeuren.

Maar niet alleen het Roomse sacrament van de communie stelt hij ter discussie. Er bereiken hem berichten van doperse bewegingen. Als Menno hoort van de executie van een Friese kleermaker die zichzelf opnieuw heeft laten dopen, vraagt hij zich af of zo'n vonnis wel bijbelse gronden heeft.
Het betreft hier groepen christenen die de kinderdoop verwerpen en zich door middel van 'wederdoop' (doop als bewuste daad van volwassen mensen) van de rooms katholieke kerk losmaken. Simonsz leest in het Nieuwe Testament steeds over de doop van volwassenen op basis van de belijdenis van hun geloof en hij trekt daaruit de conclusie dat kinderen niet meer worden gedoopt, hoewel dat niet uit het Nieuwe Testament te lezen valt. Hij vat sympathie op voor deze overtuiging van de wederdopers. Hij blijft echter werkzaam binnen de rooms-katholieke kerk en rechtvaardigt dit voor zichzelf door zich binnen de katholieke kerk te beschouwen als een trouw prediker van het evangelie.

In 1531 wordt Menno Simons tot pastoor in zijn geboortedorp Witmarsum benoemd.
Zijn sympathie voor de serieuze en geweldloze wederdopers brengt Menno Simons ertoe vurig te preken tegen de praktijken van de fanatieke wederdopersbeweging van Jan van Leiden in de Duitse stad Münster. Ondanks dat moet hij meemaken hoe in de buurt van Bolsward een klooster door fanatieke wederdopers wordt aangevallen.
Die gebeurtenis, tezamen met het over en weer grove geweld dat gehanteerd werd, door de roomse landsregering en de fanatieke wederdopers, gevolgd door de genadeloze vervolging van de ketterse wederdopers, met honderden slachtoffers tot gevolg, heeft Menno ten langen leste genoopt Rome de rug toe te keren.
Hij kiest dan radicaal voor trouw aan het evangelie, zoals hij dat begrijpt, boven trouw aan de leer van de katholieke kerk en daardoor komt hij tot een breuk met die kerk. Eind januari 1536 legt hij een publieke verklaring af over zijn nieuwe verbondenheid met Christus. Kort daarna laat hij zich ook opnieuw dopen en verlaat Witmarsum.

Ongeveer een jaar later wordt hij gevraagd als ouderling in de beweging van de wederdopers. Dan wijdt hij zich volledig aan die taak. Hij verkondigt het evangelie en doet pastoraal werk. Zo wordt hij de leider van de geweldloze wederdopers in de Nederlanden en Noord-West Duitsland. Vanwege de vervolging zwerft Menno door Groningen en Oost-Friesland, zonder vaste woon- of verblijfplaats. In het hele Duitse taalgebied organiseert hij zijn geloofsgenoten. In 1539 verschijnt zijn Fundamentenboek, waarin hij de grondbeginselen van de doopsgezinde leer uiteenzet. De gemeente moet volgens Simons zuiver zijn, zonder vlek of rimpel (Efeze 5:27). Hij verwerpt uitdrukkelijk de doop van kinderen als niet-bijbels.
Ook in 1539 treedt hij in het huwelijk met een begijntje uit Witmarsum, Gertrude genaamd.
Begijntjes zijn vrouwen die leven als alleenstaanden maar wel deel uitmaken van een soort lekengemeenschap.

Van 1541 tot 1543 verblijft Simonsz voornamelijk in Noord-Holland en Amsterdam. In die tijd publiceert hij een aantal geschriften. Hij pleit daarin voor een zuiver christelijk leven, niet gelijkvormig aan wereldse praktijken, maar als nieuwe mensen, rechtvaardig en heilig. Als uitgestoten ketter loopt hij echter voortdurend gevaar: Karel V vaardigt in december 1542 een streng edict tegen hem uit. Wie hem onderdak verleent, speelt met zijn leven. De beschuldiging van wederdoperij of steun alleen al aan die beweging blijkt voldoende om de doodstraf te krijgen.

Tussen 1544 en 1546 verblijft Menno Simons in Rijnland en Keulen waar vele doperse gemeenten ontstaan.
Van daar vertrekt hij naar Lübeck. Daar verblijft hij tot 1555. In die periode ontstaan spanningen tussen de leiders van de doperse beweging. Hij kan helaas scheuringen niet meer tegenhouden.
Vanaf 1554 tot het eind van zijn leven in 1561 leeft Menno Simonsz in Wüstenfelde, op het landgoed Oldeslo tussen Hamburg en Lübeck, waar hij onderdak krijgt van de eigenaar, een edelman. Hij voorziet in zijn eigen levensonderhoud door eenvoudig handwerk te verrichten. Zijn laatste levensjaren worden overschaduwd door het overlijden van zijn vrouw en zoon, alsook door conflicten over de interne tucht binnen de gemeente. Hij verkeert daarbij in een steeds verslechterende lichamelijke conditie

13 januari 1561 overlijdt Menno Simonsz in Wüstenfelde. Het is niet bekend waar hij begraven ligt, ook doordat Wüstenfelde in de Dertigjarige oorlog volledig is verwoest.

In Nederland vinden we een aantal Doopsgezinde gemeenten, die samenkomen in "de Vermaning". Heel bekend zijn de Noord Amerikaanse Mennonieten (de Amish) die zeer orthodox zijn in de leer, uiterst sober leven, zeker wel een voorbeeld zijn van duurzaam leven.
Alle volgelingen van Menno Simons zijn uiterst vredelievend, weigeren vaak dienst in een leger en sparen het milieu zo goed als ze kunnen.

In Witmarsum, het dorp waar Menno de banden met de Roomse kerk verbrak, staat een monument en een contourenkerkje (vermaning), dat eens zal uitgroeien tot een bezinningscentrum. Jaarlijks komen er vanuit de hele wereld pelgrims naar Witmarsum en Pingjum, waar een "schuilkerkje (de Fermanje)" aanwezig is.

Gedachtenis viering

In 1996 werd de 500ste verjaardag van Menno Simons' geboorte herdacht.

Afbeelding

Klik hier voor gratis te downladen telpatroon 32 x 24 kruisjes






Menno Simonsmonument in Witmarsum

Oude gedenksteen van het monument

Nadere informatie

Een tekst van prof P. Visser, emeritus hoogleraar van het doperdom
En van Johan Temmerman

Links

  • Bron vor deze pagina: Temmerman
  • En: Beeldfiguren
  • Doopsgezind
  • Doopsgezinde monumenten
  • Op de Duitstalige site Heiligenlexicon meer informatie over Menno Simons.
  • Zeer uitgebreide Engelstalige site.